12-02-2011    

De hondenneus: Een opmerkelijk zintuig!

Door Rudi van den Dijck, Hondentips Magazine


De reukzin van de hond is een van de meest opmerkelijke zintuigen van de hond. Elke hond heeft deinstinctieve drang om aan alles te snuffelen: mensen, andere honden, voorwerpen, bomen, enzovoort … .

Via de reuk doet de hond allerlei informatie op. Dit zintuig is ongeveer een miljoen maal gevoeliger dan ons reukorgaan. Het is alsof je hond bij elke wandeling de dagelijkse krant leest en dan wel de laatste editie. Wie is er geweest, wat is er gebeurd, reu, teef, interesse of afkeer, dat alles komt onze hond te weten door middel van zijn reukorgaan.

Voor het herkennen van geuren zijn in de hersenen van de hond 40 keer zoveel cellen gereserveerd als bij de mens. Dat is dan ook de voornaamste reden waarom de hond gebruikt wordt als speurhond (narcotica), bommen, gaslekken en zelfs truffels, nadat ze hiervoor specifiek een opleiding hebben gekregen.

Een deel van de grotere gevoeligheid van de hondenneus is toe te schrijven aan de grotere omvang van het zintuigveld in de neusholte, dat gevoelig is voor de geurprikkels (area olfactoria). Bij de mens meet dit veld ongeveer 3 vierkante centimeter, bij de hond ongeveer 130 vierkante centimeter. Bovendien liggen de reukgevoelige cellen veel dichter bij elkaar zodat het aantal cellen per vierkante centimeter groter is.

Net zoals bij de mens bestaat de neus uit twee helften die van elkaar gescheiden zijn door het neustussenschot. Dit is het kraakbenig verlengde van het ploegschaarbeen. De totale neusholte is bekleed met slijmvlies waarin drie typen cellen voorkomen:

Slijmcellen: Scheiden slijm af zodat het vuil en stof er blijft aankleven en zo door de trilhaarcellen kan warden verwijderd. Het slijm maakt ook de ingeademde lucht vochtig en op temperatuur, dit om uitdroging in de luchtwegen te voorkomen.

Trilhaarcellen. Die ik hierboven reeds aanhaalde: deze cellen werken het vuil en het stof dat erop terechtkomt naar buiten.

Reukcellen: Helpen allerlei geuren te analyseren, zodat het dier in staat is om de verschillende 'luchtjes' waar te nemen, bijvoorbeeld voedsel, lichaamsgeur van andere dieren, gevaar enzovoort.


De neus van een gezonde hond voelt koel aan en is vochtig. De neus wordt door uitscheiding van bepaalde cellen vochtig gehouden. Deze cellen worden geactiveerd als het zintuig nieuwe geuren ontdekt. De 'geurdeeltjes' worden door deze uitscheiding opgelost en vervolgens in contact gebracht met de reukcellen.

Soms kan een te droog aanvoelende neus wijzen op een stofwisselingsprobleem. Dit hoeft echter niet altijd zo te zijn. Maar een vochtige neus is in ieder geval beter voor het ruiken en ter bescherming van de neushuid zelf.

Door een te droge neus kunnen er ook nog kleine huidirritaties ontstaan aan de neus, omdat een hond nu eenmaal graag de neus als gereedschap gebruikt om in de grond te wroeten of dwars door een dichte heg of struik te gaan.

Een of twee druppels amandelolie op een te droge neus met eventuele kloven werkt verlichtend.

Verandering van neuskleur
De neus zit vol haarvaatjes, kleine bloedvaatjes die normaal vol helderrood bloed zitten.

Een hond waarvan de neus er opeens blauwig gaat uitzien, kan cyanose krijgen, een aandoening waarbij het bloed niet genoeg zuurstof bevat. Cyanose duidt op  ademhalingsproblemen die kunnen worden veroorzaakt door een hartaandoening.

Cyanose is altijd een noodgeval waarmee je naar de dierenarts moet. Maar de neuskleur is niet altijd een aanwijzing, want bij honden met een donkere neus ziet men de blauwige kleur niet. Sommige honden raken af en toe hun pigment kwijt, waardoor de neus wit of roze wordt. Zelden is dit een kwestie van slechte gezondheid. Dobermannpinchers en Rottweilers zullen eerder deze aandoening, vitiligo genaamd, krijgen.

De huidcellen verliezen wat van hun melanine. Honden met echte vitiligo krijgen nooit hun huidskleur terug, maar verder is het een onschuldige aandoening.

Andere rassen zoals Collies, Siberische husky's, Amerikaanse Eskimohonden Alaskan malamutes (maar ook bijvoorbeeld onze golden) raken enkel in de winter hun pigment kwijt. Vroeger dachten dierenartsen dat deze aandoening werd veroorzaakt door het felle zonlicht dat weerkaatste en de neus wit bleekte, of door een combinatie van kou en trauma, omdat de honden hun neus dikwijls als sneeuwschuif gebruiken. Maar ook in de warme klimaten krijgen sommige honden 'winterdepigmentatie'. Totaal onschadelijke aandoening, als men al van een aandoening mag spreken.

Hooikoorts.
Over hooikoorts schrijven is in deze periode van het jaar niet echt relevant, maar nu we toch aan een serie zijn begonnen over de hondenneus kunnen we dit item niet over het hoofd zien.

Honden met een allergie zijn eerder kriebelig dan snuffelig. En krijgen af en toe toch een druipneus. Wanneer er een druipneus bij te pas komt dan is het meestal een inhaleringsallergie veroorzaakt door stuifmeel, schimmels of stof. Er is een afscheiding (waterig) uit ogen en neus.
Typisch voor een allergie kan zijn: tegelijk bij de neusloop: likken aan de poten, rode binnenkant van de oren (die normaal gezien roze van kleur is.) De hond zal eventueel krabben en heftig wrijven met de neus over de grond. Dit komt veelal voor in het pollenseizoen (juli en augustus)
In geval van allergie moet uiteraard eerst onderzocht worden waarvoor de hond allergisch is .
Blokkades
De hondenneus kan zoveel zuigkracht hebben dat hij twijgjes of zelfs steentjes opzuigt. Maar dit kan ook eenvoudigweg een grasaartje zijn, een insect. In dit geval gebeurtt het niezen in aanvallen (paroxismaal) Als er eenmaal iets in de neus zit kan dat voor een waterige afscheiding zorgen. Soms krijgt hij een bloedneus.  Gelukkig krijgen de honden meestal het voorwerp los door te niezen of met hun kop te schudden. Blijft het voorwerp zitten, dan zullen de neuswegen irriteren en waarschijnlijk infectie veroorzaken.

Dit vraagt een behandeling van de dierenarts.

1. Om het voorwerp te verwijderen.
2. Om de infectie te behandelen.

Een snelle manier om na te gaan of er iets in de neus zit: houdt een spiegeltje voor de neus van de hond. Wanneer een van de twee kanten niet beslaat dan zit de kant waar geen damp op het spiegeltje verschijnt dicht!

De meeste voorwerpen zitten vlak bij de buitenkant. Je kunt ze eventueel zien als je met een zaklamp in de neus schijnt. Je kunt zelf proberen het voorwerp (bijvoorbeeld een grasaar) te verwijderen met een pincet met afgestompte punten. Maar het is eerder een werkje dat ik zou overlaten aan de dierenarts.

Virusinfecties- bacteriŽle infecties-schimmelinfecties.

Virusinfectie.
Het gebeurt wel eens dat een hond een virusinfectie oploopt waarbij vaak een heldere neusafscheiding hoort. De meeste virusinfecties gaan binnen een paar dagen gewoon over, maar intussen is jouw hond wel een 'besmettingshaard' voor andere honden. Denk daaraan als je te maken krijgt met pups of oudere en verzwakte dieren in de omgeving van de 'zieke' hond.

Neusverkoudheid.
Net zoals de mens, kan een hond een neusverkoudheid oplopen (acute rhinitis). Als deze echter steeds weer opflakkert spreekt men van chronische rhinitis.

Honden die een beetje als 'serreplantje' gehouden worden en bij de minste regendruppel binnenshuis moeten blijven, kortharige rassen, zijn nogal eens gevoelig voor rhinitis. Deze kunnen zich moeilijker aanpassen aan plotse weersveranderingen. Toch kunnen ook robuuste honden kouvatten. Overigens wil dit niet zeggen dat men met de hond telkens opnieuw in de gietende regen naar buiten moet om hem te harden!

De aandoening begint met veelvuldig niezen. De hond strijkt met de poten over de ogen en de neus. Eerst kun je een waterige afscheiding vaststellen, daarna etterige. In een gevorderd stadium kunnen er korstjes aan de neusgaten verschijnen. Hierbij moet je wel aandacht schenken aan de neusgaten dat ze niet gaan dichtkleven, want de hond kan hierdoor ademhalingsklachten en zelfs ademnood krijgen.

Neusverkoudheid treedt vaak op als bijverschijnsel van, onder andere, hondenziekte.

Er zijn ook nog andere oorzaken van ontsteking van het neusslijmvlies (rhinitis) dan een virus: irritatie van het neusslijmvlies door stof, pollen (allergieŽn), rook en vreemde voorwerpen.
Als je een neusverkoudheid opmerkt bij een pup, laat hem dan zeker door de dierenarts onderzoeken. Meldt eventueel bijkomende symptomen van diarree, verlies van eetlust, lusteloosheid, koorts… .

Als deze symptomen zich voordoen bij een volwassen hond, ouder of verzwakt dier raadpleeg eveneens de dierenarts. Hij alleen kan beslissen over welke aandoening het hier in feite gaat! Het kan een ernstig iets zijn, waarbij snel moet worden ingegrepen.

BacteriŽle ontsteking

Neusbijholteontsteking.
In het voorhoofd van de hond liggen de neusbijholten (sinussen) die ontstoken kunnen geraken ten gevolge van bacteriŽn of vreemde voorwerpen in de neus. De symptomen van sinusitis zijn: gebrek aan eetlust, niesaanvallen en een gele afscheiding uit de neus.
De dierenarts zal de juiste diagnose moeten stellen omdat er verschillende aandoeningen zijn met deze symptomen. Sinusitis kan ook een slechte adem veroorzaken.

Omgekeerd niezen.
Het klinkt als een herhaaldelijke, aanhoudende snurk. Het is een ineens optredende, zeer geforceerde inademing. Het doet vreemd aan, maar is in feite iets normaal. Het heeft niet veel te betekenen, al kan het worden veroorzaakt door een periodieke allergie.
Over het algemeen duurt het maar een paar seconden en het kan ontstaan door opwinding, drinken van water of druk van de halsband.

Wanneer echter het omgekeerd niezen aanhoudt, raadpleeg dan je dierenarts.

Neusbloeding.
Een neusbloeding is geen aandoening. Het is wel een symptoom voor veel andere zaken. Meestal wordt een neusbloeding veroorzaakt door verwondingen. Bijvoorbeeld het gevolg van een ongelukje, een val of een klap.

Je dierenarts zal daarom altijd willen weten waarom je hond een neusbloeding kreeg. In de meeste gevallen stopt de neusbloeding vanzelf. Wanneer een neusbloeding vaak terugkeert zijn er meestal andere oorzaken.

Mogelijke oorzaken:
• tumoren
• tandwortelabcessen
• een vreemd voorwerp in de neus
• een ernstige bijholteontsteking
• veel niezen (allergie bv.)
• te hoge bloeddruk.
• longbloeding
• springen van een adertje

Houdt het dier na een neusbloeding zo rustig mogelijk en leg een koud kompres of een ijsklontje op de neusrug. Stop zeker geen watten of gaas in de neusholten. Hetzelfde geldt voor neusbloedingen die optreden na een ongeluk.

Bij het transport moet je erop letten dat de kop zijwaarts lager ligt dan de rest van het lichaam, dit om te voorkomen dat het gestolde bloed in de longen terechtkomt.

Een vergiftiging kan ook ernstige neusbloedingen veroorzaken, bijvoorbeeld rattenvergif ofzo. De dierenarts kan de ernst van de situatie het beste inschatten en zal als het nodig is foto's van de neus nemen om de oorzaak van de bloeding te achterhalen.

Bloedtests zijn nodig om uit te zoeken of het hier eventueel gaat om een auto-immuunziekte. Auto-immuunziekte ontstaat doordat het immuunsysteem lichaamseigen cellen en stoffen als vreemd aanziet. Het lichaam gaat dan antistoffen tegen de eigen weefsels vormen
Met dank aan: www.Hondentips.com
Datum: 12-02-2011