05-06-2011    

Wat is Agility?
Agility is een discipline van de hondensport vergelijkbaar met springen bij paardensport. Het parcours omvat een aantal hindernissen die de hond moet nemen, geleid door zijn geleider (handler), in een minimum van tijd, op de juiste wijze en in een bepaalde volgorde. Dit vereist dus een feilloze samenwerking van geleider en hond. Het is echt teamwork. En dat is het aantrekkelijke van deze sport.

Gebruikte toestellen zijn: de hoogtesprong, de breedtesprong, de muur, de tunnel, de slurf, de band, de kattenloop, de A-schutting, de wip en de slalom.

Er bestaat een landelijke competitie op vier niveaus. In de A-klasse lopen de beginners, dan volgen de B1-, B2- en C-klasse.

Elke selectiewedstrijd bestaat uit drie verschillende parcoursen. Een spelletje, wat niet meetelt voor de selectie, een vastparcours en jumping. Die laatste twee bepalen na een aantal selectiewedstrijden of je wel of niet promoveert.

In het vastparcours staan hindernissen, zoals schutting, kattenloop en wip die alle drie een op- en afgaand raakvlak hebben, dat de honden met minstens één poot moeten raken. Voor snelle of grote honden natuurlijk heel moeilijk.

Omdat de grote van de honden natuurlijk erg van invloed is op de prestaties is ook hier nog een verdeling in gemaakt. Small, Middle en Large. In de Large loopt alles wat groter is dan 45 cm (schofthoogte).

Agility in Nederland
Enthousiaste Crufts-gangers hebben Agility (behendigheid) in 1978 naar Nederland gebracht. Tijdens de pauze van de Crufts, de grootste hondenschow ter wereld, vond in de erering een demonstratie Agility plaats. Op de grootste hondenshow in Nederland de Winner, werd deze Engelse demonstratie herhaald. Ook hier genoot men met volle teugen.
Kort daarop is Agility in Nederland als hondensport geïntroduceerd. Al snel bleek dat enthousiast geworden bazen én honden deze sport bijzonder goed oppakten.
Vandaag de dag kunnen we spreken van een zeer groot deelnemersveld dat regelmatig aan landelijke wedstrijden meedoet. Een selectie klasse met 150 deelnemers is heel normaal. Ook leden van de KCZIJ zijn daar meestal van de partij. Agility is een dikke hit geworden.

Meer over Agility


Teamwork
A
gility is een discipline van de hondensport vergelijkbaar met springen bij paardensport. Het parcours omvat een aantal hindernissen die de hond moet nemen, geleid door zijn geleider (handler), in een minimum van tijd, op de juiste wijze en in een bepaalde volgorde. Dit vereist dus een feilloze samenwerking van geleider en hond. Het is echt teamwork. En dat is het aantrekkelijke van deze sport.

Hindernissen
Verschillende toestellen in een parcours vormen de hindernissen, zoals de hoogtesprong en de wip. Er zijn zogenaamde raakvlaktoestellen, zoals de kattenloop en de schutting. Hiervan is het de bedoeling dat de hond met minimaal één poot in het witte vlak (of eventueel andere contrasterende kleur) staat tijdens het opgaan en het afdalen. De de kleur van de afloop kan verschillen.

Hoogtesprong

Wip

Schutting (raaktoestel)

Kattenloop (raaktoestel)


Andere toestellen zijn de slurf, de tunnel, de band, de breedtesprong, de oxer en een enkele hoogtesprong (met dubbel latten).
 

Slurf

Tunnel

Band

Breedtesprong

Oxer (dubbele staanders)

Hoogtespring (dubbele Liggers)


Parcours

 

Een combinatie van deze toestellen maakt een parcours. Tijdens een wedstrijd wordt het parcours bepaald en neergezet door een keurmeester die een tijd geeft waarin de combinatie (baas en hond) dit parcours moet afleggen.

We kennen een Standaard ParcoursTijd (SPT) en een Maximale ParcoursTijd (MPT).  Als de hond binnen de SPT loopt zonder fouten of met één fout dan krijgt hij een Uitmuntend (een U). Echter, loopt de hond buiten deze tijd (buiten de SPT) maar minder dan 4.99 seconden, dan krijgt hij ook een U. Loopt een hond buiten de tijd dan heet dit Tijdfouten.

Parcourstijd wordt elektronisch bijgehouden  

Fouten

Een wedstrijd win je wanneer je als eerste de finish haalt zonder fouten. Foutloos gaat altijd voor. Als je dus langzamer bent maar binnen de SPT loopt en foutloos bent, kom je altijd boven de honden die sneller zijn maar wel fouten hebben. Fouten zijn onder andere: als de hond er een lat af gooit, het raakvlak mist of een weigering heeft. Zo zijn er nog een aantal mogelijkheden.

Links zien we een hond die de afloop van het raakvlak gaat missen. Zijn achterpoten staan nog voor het gekleurde vak terwijl hij duidelijk de sprong heeft ingezet. Rechts gaat de lat eraf. In beiden gevallen zal een keurmeester dit dan ook afkeuren.

Keurmeester, KCZIJ-er Jan Langius, geeft met handgebaar fout aan.

Wedstrijdklassen
We onderscheiden zes wedstrijdklassen: A1, A2, B1, B2, C en veteranen.

Iedere wedstrijdloper begint in de A1-klasse. Hij promoveert daaruit 31 dagen nadat hij zijn derde U-tje heeft gehaald. Een U (van uitmuntend) wordt behaald wanneer het vaste parcours wordt afgelegd zonder fouten en met minder dan 5 seconden tijdsoverschrijding, of met één fout en binnen de tijd. Na de A1 is er een keuze tussen A2 en B1. Die keuze telt voor een heel wedstrijdseizoen. Bij de aanvang van het nieuwe seizoen kan opnieuw gekozen worden.

De A2-klasse, ook wel recreantenklasse genoemd, bestaat uit losse, op zichzelf staande wedstrijden.

Voor de B1-klasse is er een serie van 10 selectiewedstrijden. Tijdens deze wedstrijden kunnen op het vaste parcours en de jumping punten worden gehaald. Aan het eind van het seizoen wordt de stand opgemaakt en promoveren de beste combinaties naar een hogere klasse. Degradatie uit de B1 is niet mogelijk. Wel kan een combinatie besluiten vanuit de B1 over te stappen naar de A2- of de veteranenklasse.

De B2-klasse en de C-klasse bestaan uit 95 respectievelijk 85 combinaties. Ook voor hen wordt over tien selectiewedstrijden een ranglijst opgemaakt die beslist over promotie en degradatie.

De veteranen-klasse staat open voor honden vanaf zeven jaar. Eenmaal als veteraan gelopen, betekent altijd als veteraan lopen. Voor de veteranen zijn de hoogtesprongen en de tafel verlaagd en is de breedtesprong versmald. A-schutting en band mogen in een veteranenparcours niet zijn opgenomen.

Wedstrijddag
Op een wedstrijddag kan een combinatie doorgaans drie of vier verschillende parcoursen afleggen: een vast parcours, een jumping en één of twee spelparcoursen.
Een vast parcours (vp) bestaat uit minimaal zes verschillende soorten hindernissen, waaronder minstens twee en hoogstens vier raakvlaktoestellen.
Op een jumping mogen juist geen raakvlaktoestellen staan.
Bij een spelparcours zijn allerlei varianten denkbaar zoals bijvoorbeeld Tijd Fout Uit (meest gebruikt) en tijd gambling.

De Tijd Fout Uit wordt ook wel TFU genoemd. Je loopt bij dit parcours, wat meestal wel één of meerdere raakvlakken bevat, volgens de opgeven route totdat je een fout maakt of de tijd om is, dan ga je via de kortst mogelijke weg naar de finish. Diegene die de meeste toestellen (foutloos) heeft genomen met de snelste tijd heeft gewonnen.


Geleiders verkennen het parcours, zonder hond

Meedoen aan wedstrijden
Als je al een enige tijd traint dan kun je overwegen om wedstrijden te gaan lopen. (Overleg dit altijd even met uw trainer/ster). Om aan wedstrijden deel te nemen moet je in het bezit zijn van een logboek. Heb je een rasloze hond dan dien je bij Cynophilia een werkboekje aan te vragen. Daarnaast is ook een startlicentie verplicht. Deze kun je aanvragen via een door de Raad van Beheer erkende kynologenclub, zoals de KCZIJ. Je moet wel lid zijn.

Met dank aan: Margreet Muurling namens KCZY Behendigheid
Website: www.kczy.nl
Datum: 05-06-2011