29-05-2011    

Honden weten wanneer hun baas thuis komt
Honden weten wanneer hun baas thuis komt Dieren doen dingen die wij mensen voor onmogelijk houden. Ze voorspellen onheil, nemen de telefoon op als de baas belt en springen op als de baas nog kilometers verderop in de auto stapt naar huis. Al jarenlang verzamelt en onderzoekt Rupert Sheldrake dergelijk onverklaarbaar gedrag.
Wanneer de Noorse vroedvrouw Kate Laufer onaangekondigd thuiskomt, staat er altijd een warme kop thee voor haar klaar. Manlief Walter hoeft alleen maar naar Tiki de terriër te kijken om te weten wanneer hij de ketel op het vuur moet zetten. Als Tiki naar het raam rent, is zijn vrouw op weg naar huis.

Wanneer de telefoon bij een professor aan de universiteit van Californië rinkelt, weet zijn vrouw altijd of haar man aan de lijn is. Poes Whiskins is dan namelijk als eerste bij de telefoon en krijgt het zelfs voor elkaar om de hoorn van de haak te gooien en in het apparaat te miauwen. Als er iemand anders belt, neemt Whiskins niet op.


Julia Orr dacht, dat haar paarden het wel naar hun zin zouden hebben in hun nieuwe weitje, zo'n twintig kilometer van hun oude boerderij. Toen een storm op een nacht de hekken omblies, zagen zij hun kans schoon. De volgende ochtend stonden ze aan het hek van de oude boerderij. Aan de hoefafdrukken was te zien, dat ze paden en wegen hadden bewandeld die voor hen volslagen onbekend waren.

Op 17 oktober 1989 zag Tirzah Meek uit Santa Cruz in Californië haar kat naar zolder rennen en zich verstoppen, iets wat ze nog nooit had gedaan. Ze was doodsbang en weigerde naar beneden te komen. Drie uur later sloeg de Loma Prieta aardbeving toe. Het centrum van Santa Cruz werd in puin gelegd.

Het fascinerende gedrag van huisdieren zette de Britse bioloog Rupert Sheldrake aan tot een intensief onderzoek bij meer dan tweeduizend eigenaren en trainers van dieren. Daarnaast observeerde hij meer dan duizend willekeurig uitgekozen eigenaren met hun dieren en nam hij bij meer dan honderd mensen een interview af die ervaringen hebben met onverklaarbaar diergedrag. De resultaten zijn nu - na vijf jaar onderzoek - gebundeld in het recent verschenen boek Dogs that know when their owners are coming home, and other unexplained powers of animals (Hutchinson, 1999 - vertaling bij Kosmmos-Z&K: Honden weten wanneer hun baas thuiskomt).

Sheldrake - gepokt en gemazeld in Harvard en Cambridge - begreep jaren geleden al dat de conclusies van dit onderzoek grote gevolgen zouden kunnen hebben voor hoe wij onszelf en de wereld beschouwen. In 1994 publiceerde hij een boek, Seven ideas that could change the world, waarin hij verklaringen zoekt voor onverklaarbare fenomenen. Hoe is het mogelijk dat duiven altijd de weg naar huis vinden? Hoe communiceren termieten schijnbaar telepathisch bij de bouw van hun nesten? Hoe 'voelen' we dat iemand ons aanstaart? Waar komt fantoompijn (pijn die blijft bestaan in een ledemaat dat is afgezet) vandaan?

Wat deze experimenten allemaal gemeen hebben, is dat de reguliere wetenschap er geen verklaring voor heeft. Hierdoor wordt er nauwelijks aandacht aan geschonken of worden de resultaten zelfs ontkend. Het belangwekkende van Sheldrake's onderzoek is, dat hij puur wetenschappelijk te werk gaat en uiteindelijk met een fascinerende hoeveelheid feiten op de proppen komt waar we niet omheen kunnen. Ook komt hij met mogelijke verklaringen. Eén van die verklaringen is het zogenaamde morfogenetische veld. In dit veld zou informatie liggen opgeslagen waarop dieren en mensen middels een zesde zintuig afstemmen. Op deze manier zouden duiven de weg naar huis vinden - door in te tunen op het veld waar de informatie over hun thuislocatie ligt opgeslagen. Sheldrake vergelijkt het veld met een groot elastiek waaraan de duiven vastzitten. Zelfs als duiven worden geblinddoekt, in centrifuges worden dolgedraaid of over grote afstand in zwarte dozen worden vervoerd, vinden ze zonder mankeren de weg terug. Hetzelfde geldt voor vlinders en vissen die enorme afstanden afleggen om uiteindelijk exact uit te komen op de plek waar ze moeten zijn.

Naast dit morfogenetische veld zou er ook sprake kunnen zijn van telepathische communicatie. Bij termieten wordt dit duidelijk. Wanneer een termietennest gedeeltelijk wordt verwoest, dan gaan de beestjes onmiddellijk aan de slag om het te repareren. Het merkwaardige is, dat dit volgens een van bovenaf gedirigeerd plan lijkt te gebeuren. Zelfs als er een stalen plaat in het gat wordt gezet, zodat de twee 'reparatieteams' geen contact met elkaar kunnen hebben, dan sluiten de beide helften uiteindelijk naadloos op elkaar aan. Er zijn ook experimenten gedaan met blinde soorten waaruit blijkt dat er een bepaalde coördinatie moet zijn die het proces stuurt. Het is duidelijk dat de koningin hierin een grote rol speelt; iedere activiteit van de werkers stopt zodra de koningin wordt vermoord. Zij kan echter wel uit het nest worden weggehaald of van de werkers worden gescheiden door een stalen plaat.

Afstand schijnt voor telepathische informatie dus geen belemmering te zijn. Dit ondervond een Oostenrijkse tv-ploeg enkele jaren geleden bij het vastleggen van Sheldrake's experimenten. De ploeg filmde het Engelse hondje Jaytee in het ouderlijk huis van eigenares Pam. Een andere ploeg vergezelde Pam. In de televisie-uitzending lopen de beelden van Pam en Jaytee naast elkaar in een dubbelbeeld. Als Pam van huis is, ligt de hond nagenoeg de hele tijd rustig aan de voeten van Pams moeder. Als Pam - links in beeld - te horen krijgt dat het tijd is om naar huis te gaan, vertoont Jaytee vlak daarna tekenen van onrust, beide oren worden gespitst. We zien Jaytee opstaan en naar de tuindeuren lopen om daar te wachten. Van de honderd keer dat het experiment plaatsvond, reageerde de hond vijfentachtig keer op deze manier. In de vijftien gevallen waarbij de hond niet reageerde, was meestal een duidelijke reden aan te geven: Jaytee werd afgeleid door dingen van buiten, zoals door een loopse teef in de flat van de buren. In drie gevallen kon geen duidelijke verklaring worden gevonden. Om alle andere verklaringen uit te sluiten - zoals dat Jaytee misschien reageerde op signalen van de ouders of op het voertuig van Pam - werden ook de ouders niet ingelicht over het tijdstip waarop Pam zou thuiskomen en werd er geregeld van voertuig gewisseld.

Jaytee staat niet alleen. In telefonische enquêtes in Engeland en Amerika geeft eenenvijftig procent van de hondenbezitters aan, dat hun honden iets van een voorgevoel lijken te vertonen voordat zij thuiskomen.

Sheldrake geeft in zijn boek een verklaring waarom ervaringen met huisdieren niet serieus worden genomen: wetenschappers hechten groot belang aan een zogenaamd objectieve waarneming van de feiten. In laboratoria wordt er juist naar gestreefd om emotionele bindingen met dieren die worden onderzocht, te vermijden. Onderzoek te verrichten naar gedrag dat voortkomt uit een nauwe verbintenis tussen mens en dier, gaat menig wetenschapper te ver. Sheldrake daarentegen, was blij om verlost te zijn van de hel van laboratoriumonderzoek. In zijn eigen woorden: 'Ik spendeerde vele uren in laboratoria met het ontleden van dieren en later ook met vivisectie. Voor het bestuderen van de enzymen van rattenlever moesten we eerst levende ratten onthoofden; hun bloed spoot in de gootsteen. Ik hoorde nooit iets over hoe duiven hun weg naar huis vonden. Liefde voor dieren had mij ertoe aangezet om biologie te gaan studeren en dit is waar het me had gebracht. Er was iets helemaal fout gegaan. Ik begon me af te vragen wat er aan de hand was. Ik begon in te zien dat de gespletenheid die ik binnen mijzelf ervoer, ook wijdverbreid is binnen de wetenschappelijke gemeenschap. Ik weet nu, dat een meer inclusieve wetenschap mogelijk is. En bovendien veel goedkoper.'

Sheldrake was in staat de waarde van dieren te zien. Zijn onderzoek bewijst, dat wij - intelligente mensen - nog heel wat van onze huisdieren kunnen leren. Sheldrake's boek staat vol verslagen over de innige band die dieren met ons kunnen hebben, als wij dat tenminste toelaten en ze niet martelen of opeten. Zo zijn er veel gevallen bekend van huisdieren die hun baasje voor gevaar waarschuwen. Antonia Brown Griffin uit Kent, heeft gemiddeld twaalf epileptische aanvallen per week en was aan huis gekluisterd, totdat zij reddingshond Robert in huis nam: 'Hij kan vijftig minuten voordat ik een aanval krijg aanvoelen dat het er aan komt. Dan geeft hij mij twee klopjes met zijn poot, zodat ik in staat ben ergens heen te gaan waar ik veilig ben. Hij kan ook op een knop van mijn telefoon drukken om om hulp te vragen. En als hij denkt dat ik een aanval zal krijgen terwijl ik in bad zit, trekt hij de stop eruit. Ik kan me niet voorstellen hoe ik zonder hem zou moeten leven.'

Elisabeth Powell uit Wales wilde niet naar haar hondje Toby luisteren, toen hij haar op een ochtend wilde beletten om de deur uit te gaan. Hij sprong tegen haar op, ging voor de deur staan en duwde haar weg. Heel ongebruikelijk gedrag voor deze anders zo rustige hond. Ze moest hem in de keuken opsluiten waar hij bleef janken. Twee uur later was ze bij een vreselijk verkeersongeluk betrokken, waarvan ze nu nog herstelt. In het ziekenhuis zag Elisabeth steeds een beeld van Toby en ze voelde zijn angst. Ze stuurde hem een mentale boodschap: 'Okee, zal snel weer terug zijn.' De beelden verdwenen. Haar man vertelde haar dat Toby vierentwintig uur bang was geweest en toen plotseling rustig werd.

Oostenrijkse Franziska Kabusch reed op een winterdag met haar paard naar een nabijgelegen dorp. Na tien meter weigerde het paard nog één stap te zetten. Wat Franziska ook deed, het paard was niet te vermurwen. Toen ze aandrong, liep het zelfs achteruit.
 Ze was wanhopig, hoe kon dit anders zo goed gemanierde paard zo koppig zijn? Plotseling was er een donderend geraas. Een enorme lawine stortte van het dak op de weg waar ze bijna hadden gelopen.

De gevoeligheid en waardigheid van huisdieren wordt ook zichtbaar in het verhaal van Christine Vickery en haar echtgenoot. Toen haar man, zoals iedere avond, om half zeven thuiskwam, begroetten de honden hem niet zoals gebruikelijk. 'Ze bleven in hun mand liggen, zelfs toen hij ze riep. Ze verroerden zich niet. Om negen uur 's avonds kwamen ze naar de lounge en gingen voor mijn man zitten, terwijl ze naar hem keken. Hij was van streek en vroeg zich af "wat zij wisten dat hij niet wist". Vijf dagen lang hielden ze dit vreemde ritueel vol. Op de zesde avond knuffelde de oudste met zijn snuit de benen van mijn man. De jongste gaf hem een pootje. Die nacht stierf mijn man in zijn slaap. Ik was jaloers op mijn honden. Ze hadden het op de een of andere manier geweten en hadden afscheid van hem genomen.'

Bron: http://www.aquariusage.com

Met dank aan: Evelien
Website: www.podencoworld.nl
Datum: 29-05-2011