01-01-1970    

Hondenwetboek voor de bazen

  • U zult een goed roedelleider zijn.

  • U zult eerlijk en rechtvaardig zijn.

  • U zult eisen stellen, die ik begrijpen kan.

  • U zult dus zwart/wit denken en handelen t.o.v. mij.

  • U zult altijd mijn goede wil belonen.

  • En als U straft, dan zo, dat ik het begrijp.

  • U zult nooit nabestraffen.[namopperen]

  • U zult nooit dreigen, dat maakt mij onzeker,
    omdat ik niet begrijp wat U eigenlijk bedoelt.
    En als ik dan al straf verdien, dan graag direct,
    want anders begrijp ik niet waarom en word ik onzeker en angstig.

  • U zult mij steeds belonen wanneer ik iets goed doe,
    ook al vindt U dat iets vanzelfsprekend.

  • U zult altijd duidelijk zijn, want soms, baas,
    moet ik maar raden wat U nu eigenlijk wilt: Kom, Vooruit, Ga, Af !

  • U zult nimmer Af, Af, AAAAAAAAAAf, zeggen wanneer U "AF'' bedoelt,
    want ik ben niet Do, Do, DOOOOOFF!

  • U zult mijn ketting en mijn riem niet als versiering beschouwen.
    Die zijn er om mij te helpen gehoorzamen.

  • U zult bij alles wat U van mij verlangt,
    rekening houden met mijn leeftijd en met mijn aard.

  • U zult zich altijd moeten blijven realiseren,
    dat ik mezelf niet hebt gemaakt en dat U mij heeft uitgekozen en niet ik U

  • U mag blij zijn met mij baas,
    want ik ben waarschijnlijk de enige die U zomaar als baas aanvaard,
    zonder baaldagen of stakingen,
    terwijl ik altijd bereid ben tot variabele werktijden en zelfs tot overwerk.
    Dus baas, wanneer U ๒๒it eens aarzelen mocht ten opzichte
    van mij, laat dan altijd U hart spreken en niet uw hand.
    Want baas, wij honden hebben allemaal een grote bek maar... een heel klein hartje!
    En als U dan echt mijn baas zult zijn..............
    Dan ga ik voor U door het vuur,
    beklim ik voor U de hoogste muur,
    Werk voor U tot aan mijn laatste uur,
    want zo is nu eenmaal mijn natuur.
Met dank aan: Ria
Website: goras.skynetblogs.be
Datum: 01-01-1970